JOS VAN DER LANS - WEBLOG / TWITTER

Via twitter (@josvanderlans, sinds oktober 2010) en onderstaand weblog (sinds augustus 2004) kunt u op hoogte blijven van artikelen en columns die ik schrijf, van gebeurtenissen waar ik bij ben geweest, van observaties die ik doe, van meningen die in mij opwellen, of van andere persoonlijke wetenswaardig-heden.

Het kan van alles wat zijn en het is ook sterk afhankelijk van hoe druk ik het heb.



.

Reacties worden enorm op prijs gesteld. Stuur een email naar: info©josvdlans.nl

weblog - oktober 2017
Onderteken Manifest Schuldvrij
Prachtdocumentaire van mijn buurvrouw Aliona
Tussenreportage Schakelteam Verwarde Personen
Pieter Hilhorst en ik hebben het Schakelteam Personen met Verward Gedrag begin september terzijde gestaan toen het team zich beraadde op de tussenreportage die vandaag in de Jaarbeurs in Utrecht wordt gepresenteerd. Klik hier  of op de afbeelding voor het resultaat.

Column Tijdschrift sociale vraagstukken
Geen belediging, maar verrijking van het vak


Reprofessionaliseren


‘Wie in Nederland discussieert over wat burgers in dit land nu zelf kunnen doen, belandt vrijwel altijd in de zogenaamde optel-aftreksom. Wat er van burgers bij komt, gaat er bij de professionals af - het is de wet van het zero-sum-denken. De verdeling kan verschillen, maar de uitkomst is gelijk. Het idee dat meer verantwoordelijkheid van burgers juist anders opererende en beter faciliterende instituties en professionals vraagt is daarom moeilijk tussen de oren te krijgen.’

Het is precies tien jaar geleden dat ik deze uitspraak deed in een lezing over wijkgericht werken. Het ‘sociaal domein’ was nog een onbekend begrip, net zoals ‘transitie’. In het geweld van de daarop volgende veranderingen begon ik te geloven dat de zero-sum-wet achterhaald was. De hele operatie was er immers op gericht om de zorg- en dienstverlening op een andere leest te schroeien, minder bureaucratisch, met meer mogelijkheden voor burgers om een rol te spelen, met andere vormen van besluitvorming en andere omgangsvormen tussen professionals en ‘amateurs’.

Natuurlijk, dat ging niet van een leien dakje. De verandering moest zich voltrekken onder de knoet van vergaande bezuinigingen; er waren regelrechte verzetsbewegingen (kinder- en jeugdpsychiaters); ‘eigen kracht’ werd nogal eens gebruikt om mensen uit te sluiten van hulp; professionals konden vaak maar moeilijk afscheid nemen van hun oude routines. Maar daar staat tegenover dat er op tal van plaatsen wel degelijk interessante vernieuwingen op gang kwamen. In Walcheren bijvoorbeeld is het inmiddels standaard geworden om bij elke enigszins gecompliceerde hulpvraag betrokkenen (familie, vrienden, professionals) bij elkaar te halen om afspraken te maken over wie wat kan doen. Vorig jaar werden er 700 van dergelijke ‘netwerkberaden’ georganiseerd. Tot ieders tevredenheid.

Mijn favoriete voorbeeld zijn echter de JIM’s in de jeugdzorg. JIM staat voor Jouw Ingebrachte Mentor en dat kan een oom, zus, tante of buur zijn die door een jongere (leeftijd vanaf 12 jaar) wordt gevraagd om hem of haar te ondersteunen in het doorbreken van de aanhoudende conflicten thuis. Ambulante jeugdhulpverleners bepalen niet eerst wat er moet gebeuren, maar gaan met de jongere op zoek gaan naar wie de JIM kan zijn. JIM functioneert als vertrouwenspersoon voor de jongere, maar ook een aanspreekpunt en overlegpartner voor ouders en professionals. Hij wordt daarin (onder meer door een korte training) ondersteund. Er zijn tot nu toe nog maar een honderdtal JIM ’s in stelling gebracht. Maar de resultaten zijn aansprekend. In 90 procent van de gevallen wordt uithuisplaatsing voorkomen.

Prachtig zou je denken, misschien is het idee zelfs toepasbaar op andere terreinen. Maar hoogleraar burgerschap en humanisering van instituties Evelien Tonkens heeft zo haar bedenkingen. In Het Parool van 12 september typeert zij de deze trend naar het inschakelen van burgers als een belediging van professionals ‘wier kennis klaarblijkelijk niets waard is’. Zij ziet in de opkomst van JIM’s een voorbeeld dat de grenzen tussen professionals en niet-professionals vervagen: ’Iedereen zou een gelijkwaardige mededeskundige zijn. Een kwalijke gedachte, schadelijk voor het zelfvertrouwen en het gezag van professionele hulpverleners, die wel degelijk een vak hebben geleerd.’ Als het niet goed gaat in de hulpverlening dan moeten we volgens Tonkens vooral niet de zorg verder ontmantelen door ondeskundigen in te schakelen, maar juist investeren in een verdere professionalisering.

Het is een redenering die steeds vaker te horen is. Het mobiliseren van ‘ondeskundige’ burgers om verantwoordelijkheid te nemen leidt onvermijdelijk tot (een gevaarlijke vorm van) deprofessionalisering. Het is de oude wet van het zero-sum-denken, die aan een revival lijkt te zijn begonnen. Mij lijkt dat weinig constructief. Het gaat immers in de transitie niet om deprofessionaliseren, maar juist om het reprofessionaliseren. Dat wil zeggen: om de erkenning dat sociale professionals in de levens van mensen altijd passanten zijn, dat ze aantoonbaar geen monopolie hebben op de verlossende remedie, dat ze per definitie over beperkte tijd en aandacht beschikken en hun kennis en ervaring het beste productief kunnen maken als zij erin slagen die te delen met betekenisvolle anderen rondom hun ’cliënten’. Dat type sociale professionaliteit past niet in bureaucratische formats, kan zich niet opsluiten in individualiserende gespreksmomenten, uit zich niet louter in een in het dossier vastgelegd plan-van-aanpak, maar doet zich met het oog op sociale duurzaamheid gelden in een context waarin het een professionele vaardigheid is om ook andere krachtbronnen in het herstelproces te mobiliseren en te ondersteunen. Dat is in abstracto wat de JIM-aanpak in de praktijk beoogt.

Eigenlijk is dat niet eens nieuw. In zekere zin wordt hier een werkwijze hernomen die ooit in het sociaal en maatschappelijk werk gewoon was, maar die door een overmaat aan bureaucratie, financieringsstromen, therapeutische invloeden, professionele geldingsdrang en institutionele verkokeringen uit beeld is geraakt. Dat veranderen is geen belediging van professionals, zelfs geen aanslag op hun professionaliteit, maar juist een enorme verrijking van hun vak. Laten we er daarom - ondanks al het gemopper en bezuinigingen - vooral mee doorgaan.

Deze column verscheen in oktober in het Tijdschrift voor sociale vraagstukken, nr. 3, 2017.
150 jaar geschiedenis De Key en rechtsvoorgangers

Op 2 november 2018 bestaat woningcorporatie De Key 150 jaar. Dat wil zeggen als je alle voorgangers meerkent, want de naam De Key duikt pas op in de geschiedenis als in 1996 de Vereeniging Onze Woning, wwonstichting De Doelen en stichting Lieven de Key met elkaar fuseren en verder gaan onder de naam De Key. Onze Woning is weer het resultaat van een fusie in 1989 met de vereniging Bouwmaatschappij tot Verkrijging van Eigen Woningen en die gaat terug tot 2 november 1868 toen een aantal arbeiders onder het motto 'Helpt U zelve!' een coöperatieve vereniging oprichtte met als doel via de wekelijkse contributie van een dubbeltje woningen te gaan bouwen voor arbeiders die op den duur dan ook het bezit zouden zijn van de arbeiders.

Ik ga het komende jaar de geschiedenis schrijven van wat er sindsdien allemaal gebeurd is. En dat is heel veel. Wie mee wil lezen, of mogelijk leuke verhalen over de verschillende rechtsvoorgangers van de Bouwmaatschappij te melden heeft, kan zich bij mij melden.

Hieronder foto's van de dubbeltjeswoningen aan de Mauritskade in Amsterdam, het eerste straatje dat de Bouwmaatschappij vanaf 1870 bouwde.

Kies een periode: augustus 2020
juli 2020
juni 2020
mei 2020
april 2020
maart 2020
februari 2020
januari 2020
december 2019
november 2019
oktober 2019
september 2019
augustus 2019
juli 2019
juni 2019
mei 2019
april 2019
maart 2019
februari 2019
januari 2019
december 2018
november 2018
oktober 2018
september 2018
augustus 2018
juli 2018
juni 2018
mei 2018
april 2018
maart 2018
februari 2018
januari 2018
december 2017
november 2017
oktober 2017
september 2017
augustus 2017
juli 2017
juni 2017
mei 2017
april 2017
maart 2017
februari 2017
januari 2017
december 2016
november 2016
oktober 2016
september 2016
augustus 2016
juli 2016
juni 2016
mei 2016
april 2016
maart 2016
februari 2016
januari 2016
december 2015
november 2015
oktober 2015
september 2015
augustus 2015
juli 2015
juni 2015
mei 2015
april 2015
maart 2015
februari 2015
januari 2015
december 2014
november 2014
oktober 2014
september 2014
augustus 2014
juli 2014
juni 2014
mei 2014
april 2014
maart 2014
februari 2014
januari 2014
december 2013
november 2013
oktober 2013
september 2013
augustus 2013
juli 2013
juni 2013
mei 2013
april 2013
maart 2013
februari 2013
januari 2013
december 2012
november 2012
oktober 2012
september 2012
augustus 2012
juli 2012
juni 2012
mei 2012
april 2012
maart 2012
februari 2012
januari 2012
december 2011
november 2011
oktober 2011
september 2011
augustus 2011
juli 2011
juni 2011
mei 2011
april 2011
maart 2011
februari 2011
januari 2011
december 2010
november 2010
oktober 2010
september 2010
augustus 2010
juli 2010
juni 2010
mei 2010
april 2010
maart 2010
februari 2010
januari 2010
december 2009
november 2009
oktober 2009
september 2009
augustus 2009
juli 2009
juni 2009
mei 2009
april 2009
maart 2009
februari 2009
januari 2009
december 2008
november 2008
oktober 2008
september 2008
augustus 2008
juli 2008
juni 2008
mei 2008
april 2008
maart 2008
februari 2008
januari 2008
december 2007
november 2007
oktober 2007
september 2007
augustus 2007
juli 2007
juni 2007
mei 2007
april 2007
maart 2007
februari 2007
januari 2007
december 2006
november 2006
oktober 2006
september 2006
augustus 2006
juli 2006
juni 2006
mei 2006
april 2006
maart 2006
februari 2006
januari 2006
december 2005
november 2005
oktober 2005
september 2005
augustus 2005
juli 2005
juni 2005
mei 2005
april 2005
maart 2005
februari 2005
januari 2005
december 2004
november 2004
oktober 2004
september 2004
augustus 2004